Shop
Veelgestelde vragen

    Hoe maak ik beton, asfalt of oude tegels waterdicht?

    Voor het afdichten moet de ondergrond draagkrachtig, schoon en droog zijn en vrij zijn van stof, olie en vet. Daarna kan de vloeibare afdichting WARCO ALLESDICHT worden aangebracht. De vereiste voorbereiding hangt af van het type ondergrond en de staat ervan. Scheuren en voegen breder dan 3 mm worden vooraf gesloten. Dilatatievoegen worden niet dichtgezet, maar met voegafdichtingsband overbrugd.


    Bij beton, dekvloeren en asfalt worden losse en brokkelige delen eerst verwijderd. Afgesprongen plekken en diepe beschadigingen worden met een geschikt reparatieproduct geëgaliseerd. Tijdens het aanbrengen vult de stroperige afdichtingsmassa poriën en fijne scheurtjes. Poreuze of sterk zuigende ondergronden worden eerst met een geschikte diepgrondering behandeld. Op dichte, niet-zuigende ondergronden is doorgaans geen primer nodig. Bij asfalt en bitumineuze dakbanen moeten blazen, open naden en ingesloten vocht vóór het afdichten worden aangepakt.


    Een bestaande tegelvloer hoeft niet te worden verwijderd als de tegels nog stevig vastzitten. Hol klinkende en losse tegels worden weggenomen, waarna de ontstane plekken worden geëgaliseerd. Gebarsten tegels en open voegen worden vooraf hersteld. Op een bestaande verflaag kan de afdichting alleen hechten als die laag zelf goed met de ondergrond verbonden is. Poederende en afbladderende verflagen worden verwijderd. Latexverf is niet geschikt als hechtlaag.


    Bij balkons en terrassen moet het afschot naar de afvoer al vóór het afdichten correct zijn. Gebruikelijk is een afschot van één tot twee procent. De afdichting volgt de bestaande vorm van het oppervlak en compenseert geen ontbrekend afschot. Bij wandaansluitingen wordt een kim gevormd. De afdichting wordt daar zonder onderbreking tegen de wand opgezet en met wapeningsvlies versterkt. De uitvoering bij dorpels, balustradevoeten en afvoeren hangt af van de beschikbare aansluithoogte en de waterafvoer. Aan de vrije rand kan een randprofiel met druiprand het afstromende water van de constructie afleiden.


    Daken met dakleer, bitumineuze dakbanen of metalen dakbedekking kunnen voor renovatie in aanmerking komen als de bestaande dakbedekking droog, draagkrachtig en vrij van blazen en open naden is. Bij kunststof dakfolie moet vooraf worden gecontroleerd of de afdichting op het aanwezige type folie hecht. Dakafvoeren, lichtkoepels, dakranden en doorvoeren voor leidingen en kabels worden aanvullend met wapeningsvlies versterkt. Bij plaatselijke schade kan herstel van de betreffende delen volstaan. Als de dakbedekking over een groot oppervlak verouderd of vochtig is, moet eerst de volledige dakopbouw worden beoordeeld.