Wat is het verschil tussen puzzelverbinding, insteekverbinders en verborgen puzzelverbinding?
WARCO biedt verschillende systemen voor het verbinden van rubbertegels, die verschillen in constructie, bevestigingswijze en zichtbaarheid. Hieronder een overzicht van de belangrijkste verschillen:
Puzzelverbinding (zichtbaar)
Bij dit systeem zijn de randen van de tegels voorzien van een tandprofiel dat lijkt op een klassieke puzzel of paddenstoelvormige koppeling. Tijdens het leggen grijpen de tanden van aangrenzende tegels in elkaar en vormen zo een doorlopende verbinding over de volledige hoogte van de tegel.
De verbinding wordt ofwel direct tijdens het persen gevormd, of na het uitharden van de tegel nauwkeurig uitgesneden. Hoe zichtbaar het profiel is in het legpatroon hangt af van de randafwerking (bijvoorbeeld met of zonder afschuining) en de kleur van het oppervlak.
Dankzij de symmetrische vorm wordt de belasting gelijkmatig verdeeld, wat deze verbinding tot de meest stabiele maakt.
Insteekverbinders (kunststof deuvels)
Bij dit systeem worden aparte verbindingsstukken gebruikt – meestal ronde kunststof deuvels – die in vooraf geboorde openingen aan de zijkanten van de tegels worden gestoken. De tegels zelf hebben rechte, gladde randen, vergelijkbaar met betontegels.
De plaatsing gebeurt in halfsteensverband (verspringend): elke tegel wordt met deuvels verbonden aan twee tegels in de rij erboven en twee in de rij eronder. Dit voorkomt zijwaarts verschuiven, maar laat enige beweging toe in de lengterichting van de deuvels. Daarom is een randbegrenzing rondom het legvlak noodzakelijk om de stabiliteit te waarborgen.
Verborgen puzzelverbinding
Dit systeem is technisch gebaseerd op de klassieke puzzelverbinding, maar zo ontworpen dat het volledig uit het zicht blijft na het leggen. Het verbindingsprofiel bevindt zich aan de onderzijde van de tegel en is geïntegreerd in een trapsgewijze randconstructie.
Twee zijden van de tegel zijn voorzien van een positief profiel, de andere twee van een bijpassend negatief profiel. Tijdens het leggen grijpen de tegels van onderen in elkaar en vormen zo een sterke mechanische koppeling. Van bovenaf ontstaat een egaal, strak oppervlak met een regelmatig voegpatroon – vergelijkbaar met een schaakbordmotief.